Grondwettelijk Hof maakt brandhout van de btw-regels met betrekking tot esthetische ingrepen en paramedische beroepen

De wet van 26 december 2015 (B.S. dd. 30.12.2015) voerde met ingang van 1 januari 2016 voor de btw-vrijstelling voor paramedische beroepen de voorwaarde in dat het moet gaan om een erkend paramedisch beroep en beperkte die vrijstelling tot de behandelingen die opgenomen zijn in de RIZIV-nomenclatuur. Diezelfde wet zorgde er ook voor dat diensten die betrekking hebben op ingrepen en behandelingen met een esthetisch karakter vanaf diezelfde datum niet langer van btw zijn vrijgesteld, maar enkel als die diensten door artsen worden verricht. Zo bleven de door bv.

Het volledige artikel is enkel toegankelijk voor abonnees.

Gelieve in te loggen of een abonnement te nemen om de volledige inhoud te bekijken.