Gemeubeld logies vanaf 1 juli 2022: fiscus geeft eerste commentaar

De fiscus publiceert in een FAQ bijkomende info over de nieuwe regeling voor gemeubeld logies die ingaat op 1 juli 2022 (wet dd. 27.12.2021, BS 31.12.2021). Vanaf dan zal er alleen sprake zijn van een aan btw onderworpen (6%) verschaffen van gemeubeld logies bij een gemeubelde verhuur van minder dan 3 maanden. Hotels en motels worden enkel onderworpen aan dit kwantitatieve criterium. Voor inrichtingen met een soortgelijke functie als hotels en motels, moet er naast deze kwantitatieve voorwaarde, ook minstens één van de volgende diensten verricht worden (kwalitatieve criterium: de samenhangende diensten), ongeacht of deze in de prijs van het logies begrepen zijn of bijkomend aangerekend worden:

  • fysiek onthaal;
  • verschaffen huishoudlinnen (bed- en/of badlinnen);
  • dagelijks verschaffen van ontbijt.

Bovendien kan er in deze inrichtingen maar sprake zijn van gemeubeld logies als er in die inrichting gewoonlijk aan betalende gasten onderdak wordt verleend voor een periode van minder dan drie maanden.

De samenhangende diensten

In zijn FAQ benadrukt de fiscus dat voormelde samenhangende diensten enkel als kwalitatief criterium gelden voor inrichtingen met een soortgelijke functie als hotels en motels. Het maakt niet uit of een of meer van de samenhangende diensten in de prijs voor het logies begrepen zijn, of dat ze afzonderlijk worden aangerekend. Zo zal het verstrekken van één samenhangende dienst bij de gemeubelde verhuur tegen betaling van een supplement, voldoende zijn om aan de kwalitatieve voorwaarde te voldoen. Als de klant kan kiezen om een samenhangende dienst wel of niet af te nemen, dan is de kwalitatieve voorwaarde alleen maar vervuld als de klant er uitdrukkelijk voor opteert. Dat de verhuurder die alleen maar aanbiedt, is daarvoor niet voldoende.

Aan deze kwalitatieve voorwaarde is ook voldaan als de klant na de boeking, bijvoorbeeld vlak voor aanvang van het verblijf, alsnog om zo'n bijkomende dienst verzoekt.

Dat het logies wordt schoongemaakt, speelt bij de kwalitatieve voorwaarde geen enkele rol meer. Dat geldt ook voor de afzonderlijke bijkomende vergoeding die wordt gevraagd voor het verbruik van water, elektriciteit en verwarming (die vergoeding volgt in principe de fiscale behandeling van de hoofdhandeling).

Wat het verschaffen van het huishoudlinnen betreft, komen enkel bed- en badlinnen in aanmerking. Met keukenlinnen wordt geen rekening gehouden. Het is voldoende dat of bed- of badlinnen ter beschikking wordt gesteld. Het is niet vereist dat de exploitant de bedden opmaakt. Bij verblijven van meer dan 7 dagen moet er om de 7 dagen proper linnen verstrekt worden. Zo is het voldoende dat bij een verblijf van bijvoorbeeld 14 dagen, bij het begin al twee lakenpakketten ter beschikking worden gesteld.

Voor het fysiek onthaal, is de aanwezigheid ter plaatse vereist van een persoon gedurende minstens een groot gedeelte van de dag die de gasten kan ontvangen en op hun verzoek kan bijstaan. Een telefonisch of digitaal contact volstaat niet. Zo zal het dus niet voldoende zijn om telkens er nieuwe gasten aankomen, ter plaatse de sleutels te overhandigen en nadien slechts telefonisch bereikbaar te zijn zonder zich fysiek in die inrichting te bevinden.

En om het ontbijt als samenhangende dienst te kunnen beschouwen, moet dit dagelijks verstrekt worden. Dat mag wel via bijvoorbeeld ontbijtvouchers waarmee een gast die drie dagen in het logies verblijft, drie ontbijten kan genieten in een nabijgelegen brasserie. Dat het ontbijt louter afgehaald kan worden of aan de deur wordt afgeleverd, is eveneens voldoende. De fiscus stelt wel als voorwaarde aan het ontbijt als samenhangende dienst, dat het ontbijt samen afgerekend moet worden met het verblijf. Ontbijten in bijvoorbeeld een brasserie binnen de inrichting die afzonderlijk worden afgerekend, kunnen niet als samenhangende dienst beschouwd worden.

Gewoonlijk onderdak voor minder dan drie maanden verlenen

Voor inrichtingen met een soortgelijke functie als hotels en motels, kan er maar sprake zijn van gemeubeld logies als er in die inrichting gewoonlijk aan betalende gasten onderdak wordt verleend voor een periode van minder dan drie maanden. De term 'gewoonlijk' moet in deze bepaling beoordeeld worden op basis van omzet (en niet bijvoorbeeld op basis van de tijdsduur). Voor deze voorwaarde is het voldoende dat op jaarbasis het omzetcijfer van de betaalde verblijven met een duur van minder dan drie maanden, meer bedraagt dan de helft van de totale jaarlijkse omzet behaald uit betaalde verblijven.

Het tijdscriterium minder dan drie maanden

De fiscus aanvaardt hier de berekeningswijze 'van de zoveelste dag tot de dag vóór de zoveelste dag, min één dag'. Dus zal de verhuur van een vakantiewoning die aanvangt op 15 juli 2022 beschouwd worden als minder dan drie maanden, als de overeenkomst met de gast ten laatste op 13 oktober 2022 wordt beëindigd. De dag van aankomst is inbegrepen in de duur omdat het een eerste overnachting omvat (15 juli). De termijn van drie maanden wordt bereikt op 14 oktober. Omdat de wet het criterium van de duur vastlegt op 'minder dan drie maanden', moet het resultaat dus worden verminderd met één dag (13 oktober 2022).

Overgangsmaatregel

In principe geldt de nieuwe regeling voor de btw die opeisbaar wordt vanaf 1 juli 2022. Maar de fiscus aanvaardt dat de nieuwe regels maar toegepast worden op verblijven die geboekt worden vanaf 1 juli 2022. Zo zal bij de boeking van en de betaling van een voorschot op 15 maart 2022 voor een verblijf van 16 juli 2022 tot 23 juli 2022 (7 nachten), de oude regeling toegepast mogen worden, zowel voor het betaalde voorschot als de slotfactuur.

Een verlenging van een overeenkomst na 30 juni 2022 zal beschouwd worden als een nieuwe overeenkomst waarop de nieuwe regels van toepassing zijn. Voor het bepalen van de duur van de verlengde overeenkomst moet de totale ononderbroken duur van de terbeschikkingstelling van het logies in aanmerking worden genomen.

FOD Financiën, nieuwsbericht, 15 juni 2022