Gebruik GKS ontslaat ook niet-horecabedrijven van het dagboek van ontvangsten

Btw-plichtigen moeten voor hun horecaprestaties een GKS-ticket uitreiken als hun jaaromzet (excl. btw) uit restaurant- en cateringdiensten, met uitsluiting van het verschaffen van dranken, meer bedraagt dan € 25.000. De btw-plichtige die gebruik maakt van een geregistreerd kassasysteem en voldoet aan alle daaromtrent opgelegde reglementering, is ontheven van de verplichting tot het houden van een dagboek van ontvangsten per bedrijfszetel zoals bedoeld in artikel 14, § 2, 3°, 1ste lid, KB 1 (circulaire 2017/C/70 dd. 06.11.2017, nr. 3.7.). Maar hij moet wel dagelijks de nodige rapporten met behulp van het GKS aanmaken (dagelijks financieel rapport en dagelijks gebruiker rapport – artikel 2, punt 5 KB dd. 30.12.2009).

De minister bevestigt dat voormelde ook van toepassing is voor btw-plichtigen die vrijwillig een GKS gebruiken, zelfs als ze niet in de horecasector actief zijn (zie ook telco met de fiscus hierover dd. 23.10.2020). Zij moeten dan ook onder dezelfde voorwaarden geen dagboek van ontvangsten bijhouden.

Ook de btw-plichtigen die correct de kassasystemen bedoeld in de beslissing nr. E.T. 103.018 dd. 02.06.2003 (en 27 juni 2002) of nr. E.T.103.592 dd. 02.06.2003 gebruiken, moeten geen dagboek van ontvangsten bijhouden. Bovendien onderzoekt de fiscus in welke mate de btw-reglementering zal kunnen voorzien dat andere kassasystemen met systematische en onmiddellijke uitreiking van elektronische of papieren kastickets gelijkgesteld kunnen worden met het houden van een dagboek van ontvangsten.

En tot slot wijst de minister op de mogelijkheid om het dagboek van ontvangsten digitaal in plaats van op papier te houden. Maar over hoe de integriteit van de inhoud daarvan gegarandeerd moet worden, daar gaat hij niet op in.

Vr. & Antw. Kamer, 2020-2021, 55-062, 6 september 2021, vraag 491, J. Van den Bergh, 9 juni 2021