FAQ gepubliceerd over btw-verlaging warmtepompen, zonnepanelen en zonneboilers

Met ingang vanaf 1 april 2022, en voorlopig tot 31 december 2023, voert de wetgever een btw-verlaging naar 6% (artikel 1quater/1 KB 20) in voor het (gelijkgestelde) werk in onroerende staat dat bestaat uit de levering met plaatsing van:

  • fotovoltaïsche zonnepanelen op of in de onmiddellijke nabijheid van woningen;
  • thermische zonnepanelen en zonneboilers in, op of in de onmiddellijke nabijheid van woningen;
  • warmtepompen in, op of in de onmiddellijke nabijheid van woningen.

De fiscus heeft over deze tijdelijke btw-verlaging een FAQ gepubliceerd. Die bevestigt onder meer dat bij de verkoop van een woning op plan, deze installaties niet afzonderlijk aan 6% verkocht kunnen worden. En bij zo'n aankoop op plan de aannemer die installaties rechtstreeks aan de koper laten facturen, om toch de 6% te genieten, zou wel eens als misbruik beschouwd kunnen worden.

Als bij de oprichting van een woning de aannemer het deel van de oprichtingsprijs dat op deze installaties betrekking heeft, sterk overwaardeert ten nadele van de andere werken die het verlaagd btw-tarief niet genieten, dan kan de fiscus zich ook op de antimisbruikbepaling beroepen.

De btw-verlaging geldt voor alle werkzaamheden die nodig zijn voor de plaatsing van de bedoelde installaties. Zo genieten onder meer de voorbereiding van de werf, eventuele specifieke grondwerken zoals grondboringen, elektriciteits- en loodgieterswerkzaamheden en de afwerking van het verlaagd tarief. Die werkzaamheden moeten wel aan de klant gefactureerd worden door de btw-plichtige die de eigenlijke installatie levert en plaatst. Zo zal een putboring uitgevoerd door een btw-plichtige die niet de installatie levert en plaatst de tijdelijke btw-verlaging niet genieten.

Verder verduidelijkt de FAQ voor bepaalde installaties of ze wel of niet in aanmerking komen voor de tijdelijke btw-verlaging. Zo komen lucht/lucht-warmtepompen die zowel warmte als koeling kunnen produceren, in aanmerking voor het verlaagd btw-tarief, zolang de warmtefunctie niet definitief uitgeschakeld kan worden. Het is anderzijds niet nodig dat de (actieve) koelfunctie (definitief) is uitgeschakeld. Warmtepompen die uitsluitend dienen als koeling kunnen de tijdelijke btw-verlaging niet genieten, net zoals thuisbatterijen en laadstations voor elektrische voertuigen.

De tijdelijke btw-verlaging geldt voor woningen die nog geen tien jaar in gebruik zijn genomen. Zoals vermeld in het verslag aan de Koning, geldt de tijdelijke btw-verlaging ook bij nieuwbouw, dus ook voor de levering met plaatsing van de bedoelde installaties in een woning in oprichting die nog niet in gebruik is genomen.

Voor appartementsgebouwen moet per appartement nagegaan worden of het in hoofdzaak of uitsluitend voor privébewoning bestemd is, en of de ouderdomsvoorwaarde vervuld is. Het is dus mogelijk dat een aannemer zijn factuur uitsplitst over een deel aan 6% en een deel aan 21%, als hij over de juiste informatie beschikt om die opsplitsing correct te doen. Als de uitgevoerde werken betrekking hebben op de gemeenschappelijke delen van het appartementsgebouw, dan geldt de datum van eerste ingebruikneming van het eerste appartement als criterium voor de ouderdomsvoorwaarde.

Omdat de btw-verlaging enkel voorzien is voor de levering met plaatsing, kunnen het onderhoud en de herstellingen van dergelijke installaties er niet van genieten. Wat uiteraard wel kan als de woning minstens 10 jaar in gebruik is genomen. De fiscus spreekt in zijn FAQ ook van het nazicht, maar intellectuele en controlewerkzaamheden zijn geen werken in onroerende staat en vallen dus nooit onder het verlaagd btw-tarief voor onroerende handelingen aan privéwoningen.

De werken moeten bovendien gefactureerd worden aan een eindverbruiker. Dit kan zowel een eigenaar zijn, een vruchtgebruiker, een huurder of elke andere persoon die het genot heeft van de woning.

Enkel de btw die tussen 1 april 2022 en 31 december 2023 opeisbaarheid wordt over de leveringen met plaatsing van de bedoelde installaties, komt voor de btw-verlaging in aanmerking. Het is dus mogelijk dat een voorschot aan 21% is onderworpen (bv. gefactureerd vóór 1 april 2022)  terwijl de afrekening gefactureerd in 2023 het verlaagd btw-tarief geniet. Wanneer de overeenkomst werd ondertekend of wanneer de offerte werd aanvaard, speelt geen rol. De fiscus bevestigt in zijn FAQ, zoals ook bij voorgaande tijdelijke btw-verlagingen, dat voor facturen uitgereikt/betalingen ontvangen vóór de inwerkingtreding van de tijdelijke btw-verlaging (1 april 2022), het verlaagde btw-tarief niet van toepassing is. Deze facturen crediteren en de datum aanpassen om het verlaagde btw-tarief te kunnen genieten, zal dus niet worden aanvaard.

Btw-plichtigen die overwegen om eind 2023, met toepassing van de tijdelijke btw-verlaging, voorschotten te factureren die betrekking hebben op werken die pas nà 2023 uitgevoerd zullen worden, houden er best rekening mee, en zeker als die factureringswijze niet overeenstemt met zijn normale handelspraktijken, dat de fiscus de antimisbruikbepaling kan inroepen als hij vaststelt dat er sprake is van een overdreven vooruitfacturering of betaling van voorschotten die op een buitensporige wijze de daadwerkelijk verrichte diensten zou overschrijden.

FOD Financiën, nieuwsbericht, 15 juni 2022