Unieke abonnementsformule

Al uw vragen beantwoord voor een vaste prijs

Blijf steeds op de hoogte van het laatste btw-nieuws

Neem deel aan onze klantenseminaries

Meer info

Nieuwsflash

Op 26 september 2013 oordeelde het Europese Hof van Justitie dat elke btw-plichtige die in zijn eigen naam reizen verkoopt, maar die deze reisdiensten niet met zijn eigen middelen verstrekt omdat hij daarvoor beroep doet op derden, de bijzondere regeling van btw-heffing over de winstmarge moet toepassen. Of de reis daarbij verkocht wordt aan de reiziger, of aan iemand anders zoals bv. een doorverkoper van die reizen, speelt volgens het Hof geen enkele rol. Het Hof stelde met zijn uitspraak de Europese Commissie in het ongelijk die van oordeel was dat die bijzondere reisbureauregeling enkel en alleen van toepassing was wanneer de reis verkocht werd aan de reiziger.

De fiscus heeft nu laten weten deze rechtspraak niet toe te passen, wat voor de reissector wel eens verstrekkende gevolgen zou kunnen hebben.

Een geregelde wederverkoper van tweedehandse goederen kan gebruik maken van een bijzondere regeling waardoor hij slechts de btw moet afdragen die in de bij de verkoop gerealiseerde marge is begrepen. Eén van de voorwaarden is dat het moet gaan om lichamelijke roerende goederen die in de staat waarin ze verkeren of na herstelling opnieuw kunnen worden gebruikt. Die regeling kan ook van toepassing zijn op tweedehandse auto's.

Maar kan een btw-plichtige die margeregeling ook toepassen wanneer hij oude wagens opkoopt en demonteert om de zo bekomen wisselstukken afzonderlijk te verkopen?

In juli vorig jaar kondigde de minister in zijn antwoord op een parlementaire vraag aan dat de fiscus werk zou maken van de afschaffing van de verplichting voor kwartaalindieners van de periodieke btw-aangifte, om nog btw-voorschotten te moeten betalen.

Zelfstandige groeperingen van personen (vroeger de kostendelende verenigingen genoemd) moeten in principe vanaf 1 juli 2016 de aanvang van de activiteit, en dus ook het bestaan en de samenstelling van de groepering, melden binnen de maand die volgt op de aanvang van de activiteit.

In de zomer van vorig jaar bevestigde de minister dat de fiscus werk zou maken van een wetswijziging waardoor kwartaalaangevers voor de btw niet langer gehouden zouden zijn om nog voorschotten te betalen tegen de 20ste van de 2de en de 3de maand van elk kwartaal (